Van nature hebben kinderen loyaliteit naar hun ouders. Zelfs als in de verzorging door de ouders niet alles goed is gegaan. Daarom is het belangrijk dat pleegkinderen in contact blijven met hun ouders. Dit kan soms best lastig zijn voor pleegouders om goed mee om te gaan. Hoe loyaliteit ontstaat, hoe dit zich uit en hoe pleegouders hier het beste mee om kunnen gaan, vertelt Eva Beekman. Zij is gedragswetenschapper bij William Schrikker Gezinsvormen (WSGV).
Elk mens heeft zijnsloyaliteit naar zijn of haar ouders. “Dat is een soort dankbaarheid voor je ouders, dat ze je het leven hebben gegeven, waardoor je voor altijd op een of andere manier bij hen hoort. Het is een onzichtbare band met je ouders die altijd blijft bestaan. Zelfs als kinderen heel jong bij hun ouders weggaan, is die band er. Dat heeft te maken met je identiteit, dus wie je bent, bij wie je hoort en waar je vandaan komt. Daarnaast is er ook verworven loyaliteit, wat kinderen kunnen opbouwen naar pleegouders. In een mooi filmpje brengt een zandtovenaar loyaliteit goed in beeld”, vertelt Eva.
Contact met de ouders is belangrijk voor een gezonde identiteitsontwikkeling
Hoe loyaliteit zich uit is heel verschillend. Als een kind in een pleeggezin zit, is er idealiter een goedlopende bezoekregeling met de ouders. Eva: “Tijdens het bezoek ziet het kind dat het ook bij papa en mama hoort en dat die ook van hem of haar houden. Het kind weet dan dat het bij de ouders hoort, ondanks dat het daar niet kan opgroeien.
Voor een gezonde identiteitsontwikkeling van het kind is het belangrijk dat het van de ouders én pleegouders mag houden. Daarom investeren we veel in het contact met de ouders, maar altijd vanuit het belang van het kind. Of het goed is voor het kind, het kind er iets uithaalt en er behoefte aan heeft, zijn dingen die altijd voorop staan.
Loyaliteit kan een probleem worden als er bijvoorbeeld een grote kloof is tussen de wereld van de ouders en de pleegouders. Of als ouders veel moeite hebben om te verdragen dat een kind in een pleeggezin woont en zich af gaan zetten tegen pleegouders. Of als pleegouders heel begrijpelijk denken: bij jullie is de verzorging niet goed gegaan en wij zorgen er nu goed voor jullie kind, maar we moeten jullie wel een plek geven in het leven van het kind. Bij zulke situaties moet het kind gaan kiezen bij wie het dan het meest hoort. Als het kind de ouders en pleegouders tevreden wil houden, komt het in een spagaat.”
Ruimte maken voor de ouders is soms frustrerend voor pleegouders
Loyaliteitsconflicten kunnen lastig zijn voor pleegouders om mee om te gaan. Het belangrijkste is dat pleegouders blijven proberen om op welke manier dan ook ruimte te maken voor de ouders in het leven van het kind. Pleegzorgbegeleiders spelen een belangrijke rol bij deze situaties. “Ga alsjeblieft daarmee in gesprek als je frustratie ervaart, want je hoeft het niet allemaal leuk te vinden wat er gebeurt. Je mag die frustratie voelen, maar het is belangrijk om dat gevoel niet bij een kind neer te leggen en dat niet uit te stralen wanneer er wel contact is”, vertelt Eva.
Voor aspirant pleegouders is het goed om zich ervan bewust te zijn dat een pleegkind altijd met een verhaal en een biologisch systeem komt. “Het zijn vaak niet de leukste verhalen die daarbij horen, maar die krijg je erbij.”
Pleegouders staan er niet alleen voor
Pleegzorgbegeleiders ondersteunen pleegouders bij loyaliteitsconflicten. Door gevoelens te erkennen, maar ook door te helpen met het vormgeven van het contact met de ouders. Zij weten bijvoorbeeld hoe de fysieke en sociaal emotionele veiligheid van het kind kan worden bewaakt. En geven praktische tips over hoe je omgaat met een kind wat terugkomt van een bezoekregeling of hoe je een verjaardag vormgeeft.
Het is belangrijk om te beseffen dat het ook voor de ouders lastig is. “Ik kan me goed voorstellen dat het onverdraaglijk is als je kind bij iemand anders woont en daarvan gaat houden. Het is moeilijk wanneer je kind door een ander wordt opgevoed, wanneer het je zelf niet lukt. Vooral als je een verstandelijke beperking hebt, zoals het gros van de ouders van de pleegkinderen bij ons in zorg heeft. Maar zowel de ouders als pleegouders houden van het kind. Daarom is het belangrijk dat soms de éen en soms de ander een stap achteruit kan doen, zodat het kind zich niet gedwongen voelt om te kiezen.”