Op haar negende kreeg ze een pleegzusje. Nu, 25 jaar later, werkt ze als pleegzorgwerker bij William Schrikker Gezinsvormen. Toeval? “Nee, dat denk ik niet. Ik ben niet zomaar pedagogiek gaan studeren”, zegt Nienke (34).

Nienke groeit op in een groot gezin. Ze heeft een oudere broer en twee jongere zusjes. Haar ouders hebben echter ruimte in hun huis en in hun leven voor meer kinderen. Lange tijd wonen er ook acht pleegkinderen bij hun op de boerderij. “Mijn moeder wilde altijd al een groot gezin. Zij vond dat ze kinderen iets te bieden had wat zij zelf vroeger had gemist”, zegt Nienke.

Best een uitdaging

Eerlijk is eerlijk, de komst van haar eerste pleegzusje, vond Nienke best een uitdaging. Het meisje was destijds 9 jaar, net zou oud als Nienke, sliep bij haar op de kamer en kwam bij haar in de klas. “Mijn pleegzusje kreeg natuurlijk heel veel aandacht, zij was zielig en ik moest plotseling mijn speelgoed delen. Dat vond ik in het begin eerlijk gezegd niet echt leuk.”

Dat veranderde. “Toen ik ouder werd en er ook jongere kinderen bij ons kwamen wonen, vond ik het prettig om te helpen bij de verzorging. Ik werd er al vroeg zelfstandig door en maakte graag uitstapjes met de kleintjes. Het was ook gezellig en je had altijd iemand om mee te spelen.”

Tien jaar

Tijdens het laatste jaar van haar studie pedagogiek vroeg een van de pleegzorgwerkers die in het gezin over de vloer kwam of Nienke zin had om haar collega te worden. Ja, dat wilde ze wel. “Zo ben ik erin gerold. Dat is al weer tien jaar geleden.”

Dankzij haar eigen ervaring met pleegbroertjes- en zusjes kan Nienke zich goed inleven in de gezinnen die ze in haar werk tegenkomt. “Al is dat lang niet altijd zo. Er zijn veel pleeggezinnen zónder eigen kinderen. Sowieso ben ik altijd zeer betrokken, heb ik een luisterend oor voor ouders en kinderen en duurt mijn bezoek zo lang als nodig is. Mijn basis: vertrek vanuit de kinderen. Als er biologisch eigen kinderen in het gezin zijn, heb ik daar altijd extra oog voor. Al willen ze soms niks weten van de pleegzorgwerker, ik toon interesse en geef aan dat ook zij bij mij terecht kunnen als ze willen. Het gebeurt regelmatig dat ik vraag of ze mee willen, als ik bijvoorbeeld met een pleegkind een ijsje ga eten.”

Gevormd als mens

Nienke denkt dat het bij de overweging en plaatsing van pleegkinderen in een gezin, goed is te beseffen wat de impact op eigen kinderen kan zijn. “Uiteraard is dit op de eerste plaats zaak voor de (pleeg)ouders. Zij zijn verantwoordelijk. Zelf zou ik als ouder wel eerst aan mijn kinderen vragen hoe zij erin staan. Want de komst van pleegkinderen heeft behoorlijk wat impact. Ook raad ik aan: kies voor een leeftijdsverschil. Voor mij persoonlijk kan ik zeggen dat ik er uiteindelijk meer positieve dan negatieve dingen aan heb overgehouden. Het heeft me gevormd als mens. Ik vind het belangrijk er voor een ander te willen zijn.”