Veel pleegkinderen bij William Schrikker Gezinsvormen (WSGV) zijn kinderen met een licht verstandelijke beperking (LVB) of kinderen van ouders die dit hebben. Het opvoeden van een kind met een LVB vraagt iets extra’s van pleegouders. Gedragswetenschapper Natasja Wiersema vertelt wat dit in de praktijk betekent en hoe WSGV pleegouders begeleidt.

Wat is een licht verstandelijke beperking?

Mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB) hebben een beperking in het cognitief en adaptief functioneren. De beperking in het cognitief functioneren betekent dat het voor hen lastiger kan zijn om bijvoorbeeld te rekenen, taal te begrijpen, te plannen en hun impulsen te beheersen. De beperking in het adaptief functioneren houdt in dat ze meer moeite kunnen hebben met bijvoorbeeld zelfverzorging, reizen, werken en sociale vaardigheden.

Een licht verstandelijke beperking houdt voor iedereen weer wat anders in. Bij de een kan dit betekenen dat hij of zij meer moeite heeft met rekenen en bij de ander kan het zwaartepunt van de beperking meer liggen in de in de sociale vaardigheden. Bij pleegzorg zien we dat de moeite die het kind heeft met sociale vaardigheden de grootste uitdaging vormt voor pleegouders. Natasja: “Kinderen met een LVB vinden het vaak moeilijker om zich te verplaatsen in een ander. Ze snappen en zien niet goed wat er gebeurt bij de ander en kunnen zich daar moeilijker aan aanpassen. Daarnaast hebben ze vaak minder geduld. Daardoor kan het lastiger zijn om bijvoorbeeld vriendschappen te onderhouden”.

Bij jonge pleegkinderen is het vaak niet meteen duidelijk of ze een LVB hebben. Veel pleegkinderen hebben naast de beperking namelijk ook problemen met trauma en hechting. Dat kan ook een oorzaak zijn dat ze ander gedrag vertonen. “Als een baby’tje heel rustig is en een beetje ligt te staren, kan dat bijvoorbeeld een teken van een LVB zijn. Ze gaan dan namelijk minder snel uit zichzelf de wereld ontdekken. Het is dan belangrijk dat de opvoeder de baby meer uitdaagt, zodat het minder snel een achterstand oploopt. De pleegzorgwerker kan uitleggen hoe je een baby of wat ouder kind stimuleert om toch de wereld te ontdekken.”

Herhaling en structuur zijn belangrijk voor een kind met een LVB

Natasja: “Voor pleegouders is het heel belangrijk dat ze sensitief genoeg zijn om goed te reageren op dingen die het kind niet snapt. Zoals non-verbale signalen en emoties. Een kind met een LVB zal bijvoorbeeld minder snel begrijpen dat het pijn doet als hij of zij jou schopt en dat dit niet fijn is voor jou. Ze hebben meer tijd nodig om sociale vaardigheden te ontwikkelen. Dat vraagt om geduld en dingen vaker uitleggen. Deze kinderen zijn dan niet vervelend of ongehoorzaam, maar begrijpen het gewoon niet. We begeleiden pleegouders hierbij, zodat ze hier goed mee om kunnen gaan.””

Om te zorgen dat een kind met een LVB jou goed begrijpt, is het belangrijk om duidelijk te communiceren. Dingen herhalen, korte zinnen gebruiken en pictogrammen of tekeningen helpen hierbij. “Dan hoef je alleen maar daarnaar te wijzen om het kind te helpen herinneren. Oefenen met rollenspelen helpt ook. Bijvoorbeeld wat doe je als je op een verjaardagsfeestje komt? Dat samen oefenen en herhalen werkt voor deze kinderen beter, vanwege hun lagere taalbegrip en minder sterke geheugen.”

Activiteiten structureren en schakeltijd inbouwen helpt ook. Natasja: “Als het kind intensief met Lego aan het spelen is, is het beter om niet ineens te zeggen dat we nu gaan opruimen. Dat gaat voor het kind veel te snel. Je kunt beter aangeven dat je over 10 minuten gaat opruimen. Dan geef je het kind er de tijd voor.”

Leren door te doen

Hoewel kinderen met een LVB soms anders reageren, kunnen ze hier vaak niks aan doen. Dat komt doordat ze dingen niet begrijpen of door frustratie. “Mensen met een LVB ervaren voortdurend dat ze dingen niet goed kunnen die voor andere mensen normaal zijn. Daardoor bouwt er frustratie op. Daarom is het belangrijk om niet boos te worden op een kind als het iets niet wil wat je al vaak hebt uitgelegd. Het kind doet al zo zijn best, dus het is belangrijk om daar rekening mee te houden.”

Doordat veel dingen niet lukken, is het ook belangrijk om te benadrukken wat er is gelukt en wat het kind wél goed kan. Om de kleine stapjes die het kind maakt te vieren: “Zoek naar de talenten van het kind en geef aandacht aan de leuke dingen van die dag. Door daarop te focussen werk je samen aan het zelfvertrouwen van het kind.”

Pleegouders worden goed ondersteund

Voor pleegouders is het niet altijd makkelijk om rekening te houden met de behoeften van een kind met een LVB. Daarom worden ze goed ondersteund door de pleegzorgwerker. Daar kunnen ze terecht met al hun vragen, maar ook frustraties delen als die er zijn. Natasja: “De pleegzorgwerker helpt ook door psycho-educatie te geven. Tijdens de screening krijgen pleegouders al modules met allerlei informatie en ook daarna kunnen ze een aanvullende training volgen. De pleegzorgwerker vult dit aan waar nodig. Zo leren pleegouders wat een LVB precies betekent bij een kind.

Verder helpt de pleegzorgwerker met tips en adviezen voor dingen waar pleegouders tegenaan lopen in de opvoeding. Hierbij wordt goed gekeken naar wat het kind nodig heeft. De praktijk is meestal net weer anders dan de theorie. Daarom verwijzen we pleegouders vaak naar communities met andere pleegouders. Het is heel helpend om ervaringen te delen. Een pleegkind met een LVB opvoeden is niet makkelijk. Daarom is het belangrijk dat pleegouders de begeleiding en hulpbronnen benutten die er zijn.”