Een kind opvoeden is voor ouders met een licht verstandelijke beperking (LVB) niet eenvoudig. Als thuis veilig opvoeden ook met hulp niet lukt, kan dat betekenen dat een kind uit huis moet worden geplaatst. Ouder-kindhuizen zijn bedoeld om dit te voorkomen. Door ouders intensief te begeleiden, leren ze zelfstandig voor hun kind te zorgen. Ingrid Heitink heeft een ouder-kindhuis waar maximaal drie ouders met hun kind verblijven. Ze vertelt over de begeleiding die ze aanbiedt en hoe HouVast opvoedondersteuning hierbij helpt.  

In haar eerdere werk als jeugdbeschermer zag Ingrid hoe vaak er kinderen uit huis moeten worden geplaatst. Ze vond dat er meer gedaan kon worden om deze gezinnen daadwerkelijk verder te helpen. “Dat was mijn motivatie om dit ouder-kindhuis op te starten. Aan de ene kant van mijn dubbele woonboerderij woon ik met mijn gezin en aan de andere kant wonen drie ouders met hun gezin. Het is erg kleinschalig en daar zit ook de kracht in. De zorg die ik samen met een collega begeleider en ambulant behandelaar bied, is 24 uur per dag, 7 dagen per week. Niet alleen voor mij, maar ook voor de ouders is het hard werken. We ondersteunen ouders op alle levensgebieden, zoals persoonlijke verzorging, financiën, regie nemen in de opvoeding en contact met de andere ouder onderhouden”, vertelt Ingrid. 

Ouders die in het ouder-kindhuis komen hebben al veel meegemaakt en zijn vaak overweldigd door de zwangerschap, opvoedvraag van het kind of dreiging van uithuisplaatsing. “We werken eerst aan herstel van veiligheid en het wennen aan de nieuwe woonsituatie, zodat het gezin tot rust komt. In een ander huis moeten wonen onder toezicht heeft namelijk veel impact. Verder zorgen we dat ze bijvoorbeeld weer naar de tandarts en huisarts gaan, wat bij deze ouders soms al jaren niet meer gebeurt. Soms gaan we dan mee, zodat alles goed wordt vastgelegd en onthouden. Zo helpen we ze om hun persoonlijke en gezinsleven in balans te krijgen en houden.” 

 

Werken aan opvoedvaardigheden met HouVast 

Voor alle gebieden in de dagelijkse begeleiding worden doelen gesteld. Hierbij wordt ook de HouVast methode gebruikt, omdat die werkt met concrete doelen waarmee ouders gefaseerd zelf activiteiten (weer) op zich kunnen nemen. Met HouVast worden telkens twee doelen uitgelicht, een voor de ouder en een voor het kind. “We hebben een HouVast-plan voor iedere ouder en dat loopt 4 tot 6 weken. De ambulante medewerker voert wekelijks gesprekken met de ouder. Er gaat bij ons veel meer tijd zitten in de uitvoering en het samen oefenen dan wat voor HouVast gepland is. Daarom doen de assistent begeleider en ik dat samen met de ouder in de dagelijkse begeleiding. Met de ambulante medewerker bespreken we hoe het loopt.” 

Ingrid biedt 24-7 begeleiding voor ouders met jonge kinderen (0-4 jaar) waar uithuisplaatsing dreigt, waarbij ze aan heel veel levensgebieden tegelijk werkt. Dat is intensief, maar ze let erop dat ze HouVast los van alle dagelijkse doelen implementeert. “Ik vind het belangrijk dat het meetbaar is en duidelijk waardoor resultaten worden behaald. Er komen steeds nieuwe doelen bij, waardoor langzaam het zelfvertrouwen bij de ouder toeneemt en er meer balans ontstaat. Ouders moeten hier heel hard werken. Maar met overzichtelijke doelen en het vieren van successen, maken we het wat luchtiger en lichter. Dat vind ik mooi aan HouVast.” 

Matchen van hulpvraag en aanbod van ouder-kindhuizen 

Inmiddels zijn er steeds meer ouder-kindhuizen in verschillende vormen. “Dat juich ik toe. Er komt ook steeds meer overzicht van het aanbod. Ik zit in een landelijke appgroep met veel ouder-kindhuizen, waarin we informatie uitwisselen. En in Noordoost-Nederland zitten we in een overlegstructuur, waarin we elkaar ontmoeten en weten te vinden. Samen zorgen we er onder andere voor dat cliënten op de juiste plek terechtkomen, want er is veel vraag. We denken ook na over een centraal loket voor jeugdbeschermers en gemeenten met het complete aanbod van ouder-kindhuizen. Het is belangrijk dat we met elkaar samenwerken aan een passend hulpaanbod voor gezinnen. Uiteindelijk gaat het erom dat we ouders zo goed mogelijk helpen, waardoor kinderen zo thuis mogelijk kunnen opgroeien.”