Een pleeggezin is voor veel kwetsbare kinderen een veilige plek om op te groeien. Maar soms is er meer nodig. Voor kinderen met complexe problematiek zijn gezinshuizen een betere plek. Maar wat maakt gezinshuiszorg anders dan pleegzorg? En wanneer is een gezinshuis een passender plek dan een pleeggezin? Sylvia van de Capelle vertelt er alles over.
Vanuit haar jarenlange ervaring als gedragswetenschapper bij William Schrikker Gezinsvormen (WSGV) vertelt Sylvia, inmiddels werkzaam als adviseur bij Expect Jeugd, over pleegzorg en gezinshuiszorg. “Ik geef adviezen aan pleegzorgwerkers en werk daarnaast direct samen met gezinshuisouders. Binnen WSGV hebben we nu 36 gezinshuizen en dat groeit nog steeds.”
Wat gezinshuiszorg anders maakt dan pleegzorg
Het grootste verschil met pleegzorg is dat pleegouders vrijwilligers zijn en gezinshuisouders meestal HBO geschoolde professionals met een pedagogische achtergrond. Gezinshuisouders hebben in de meeste gevallen meer kennis en professionele ervaring. Zij hebben sowieso expertise op het gebied van trauma en hechting. Gezinshuisouders bij WSGV hebben daarnaast expertise in het omgaan met LVB-problematiek en andere beperkingen. Daarnaast krijgen zij externe ondersteuning van onder andere een gedragswetenschapper. Maar ook hebben ze meer financiële middelen om extra hulp in te zetten. Omdat het voor de gezinshuisouder hun baan is, hebben ze ook tijd in huis om kinderen met complexe problematiek te begeleiden
In de praktijk wonen kinderen met complexe problematiek ook in pleeggezinnen. Het is dus niet zo dat deze kinderen alleen maar in gezinshuizen wonen. “Het liefst plaatsen we kinderen in een pleeggezin. Maar sommige kinderen hebben teveel meegemaakt in hun jeugd of hebben dusdanige beperkingen, waardoor een pleeggezin niet meer haalbaar is. Bij de aanmelding kijken we goed naar wat een kind nodig heeft en wat het beste zou passen. Maar het komt ook voor dat later blijkt dat de zorg te zwaar is voor pleegouders en dat een overplaatsing onvermijdelijk is,” vertelt Sylvia.
Overbelaste pleegouders door complexe problematiek
Pleegouders kunnen overvraagd worden door de complexiteit van de problematiek van het kind. “Een extra workshop volgen is dan niet voldoende. Daar heb je ervaring en tijd voor nodig en het vraagt ook dat je altijd rustig kunt blijven in complexe situaties. Een kind met hechtingsproblematiek kan bijvoorbeeld gedragsproblemen laten zien specifiek richting de opvoeder. Een professionele opvoeder weet hoe hij hiermee het beste om kan gaan. ”
Als het voor een pleegouder teveel wordt, uit zich dat op verschillende manieren. De ene pleegouder trekt bijvoorbeeld eerder aan de bel dan de ander. “Sommige pleegouders zeggen letterlijk: ik kan niet meer. Maar vaak is het veel implicieter. Dan voelt de pleegzorgwerker aan dat als er niets gaat veranderen, de pleegouder het straks niet meer aan kan. We zien dat netwerkpleegouders uit loyaliteit vaak langer doorgaan. Dan moet je soms als pleegzorgwerker ingrijpen, omdat het anders ten koste gaat van hun eigen gezondheid of relatie. Als pleegzorgaanbieder hebben we de verantwoordelijkheid om te zorgen dat de zorg bij een pleegouder niet ten koste gaat van alles.”
Een passende plek geeft een kind een stevige basis voor de toekomst
Het is heel belangrijk dat een kind zo min mogelijk wordt overgeplaatst. Daarom is een goede plek hard nodig. “We weten dat hoe vaker een overplaatsing een kind heeft meegemaakt, de kans op een succesvolle plaatsing steeds kleiner wordt. Als we ze van plek naar plek verplaatsen, krijgen ze geen stevige basis mee. Een passende plek waar het kind emotioneel en fysiek veilig kan opgroeien is essentieel.”
De rol van wijkteams en beleidsmedewerkers
Door signalen van overbelasting vroeg te herkennen, hoeft een kind niet onnodig vaak te verhuizen of vast te lopen in de zorg. Wijkteams en beleidsmedewerkers hebben hier ook een rol, zodat ze samen met betrokken instanties kunnen zorgen voor een passende plaatsing. “Kritische vragen zijn welkom, maar het oordeel van betrokken professionals is belangrijk. Dat zijn de pleegzorgwerker of degene die aan het gezinshuis is gekoppeld. We wegen heel zorgvuldig af waar een kind beter bij af is.”
Wijkteams willen kinderen soms niet direct in een gezinshuis plaatsen, omdat pleegzorg voorliggend is. “Maar soms is de problematiek zo groot dat wij vanuit ervaring kunnen zeggen dat pleegzorg ontoereikend is. Voor de korte termijn kan een pleeggezin goedkoper zijn, maar op de lange termijn mogelijk niet. Want als een kind uit een pleeggezin weer ergens anders moet gaan wonen met alle gevolgen van dien, kost dat nog meer. Wij willen uiteindelijk voor het kind de beste plek hebben. Bij voorkeur is dat pleegzorg, maar soms is gezinshuiszorg echt nodig.”