Kinderen van ouders met een licht verstandelijke beperking (LVB) hebben een grotere kans op een kinderbeschermingsmaatregel, dus hulp in het gedwongen kader. Terwijl het streven is om dat zoveel mogelijk te voorkomen. Een van de oorzaken is dat passende hulp voor ouders met een LVB veelal ontbreekt. Dat is schrijnend. Tanja Visser, advocaat bij Expect Jeugd, vertelt hoe het zit en waarom mensen met een LVB vaak tekort wordt gedaan.

 

Ouders met een LVB ondervinden vaak problemen met opvoeden. Dat wil niet zeggen dat ze het niet kunnen. Vaak lukt het wel met de juiste begeleiding. Helaas krijgen mensen met een LVB die vaak niet. Terwijl het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, dat door Nederland in 2016 is ondertekend, dat wel voorschrijft. “Dat verdrag zegt dat mensen met een beperking – net als ieder ander – recht hebben op het stichten van een gezin en op het krijgen van kinderen. Als zij door die handicap moeite hebben met die opvoeding, moet de overheid zorgen voor passende hulp. Het verdrag verplicht de overheid er dus voor te zorgen dat ook mensen met een beperking hun grondrechten, zoals het vormen van een gezin, volledig kunnen benutten”, vertelt Tanja.

 

Ouders met een LVB krijgen vaak te laat passende hulp

Hoewel ouders met een LVB tijdig passende hulp moeten krijgen bij opvoedingsproblemen, krijgen ze die vaak niet. Hoe komt dat? Tanja: “Bij hulp in het vrijwillige kader moet je zelf hulp vragen. Je moet dus weten bij welk loket je kunt aankloppen en een duidelijke hulpvraag hebben. Dus de regie voor het vinden van hulp ligt heel erg bij ouders. Dat is voor mensen met een LVB vaak lastig. Zij melden zich vaak niet, bijvoorbeeld omdat hulp aanvragen te ingewikkeld is of simpelweg door schaamte.”

Ook als ouders zich bij het juiste loket melden, lopen ze tegen beperkingen aan. Er is namelijk te weinig hulpaanbod voor mensen met een LVB. En een LVB wordt vaak niet opgemerkt door wijkteams. “Als ouders met een LVB wel worden opgemerkt, hebben professionals veelal de neiging te denken dat ouders met een LVB het niet kunnen.”

Het gebrek aan tijdig passende hulp kan grote gevolgen hebben voor ouders, maar ook voor hun kinderen. Deze kinderen hebben 3 tot 4 keer meer kans op een kinderbeschermingsmaatregel. Daarnaast blijk uit onderzoek van het Trimbos Instituut dat kinderen die opgroeien bij ouders met een LVB, vaak te maken hebben met trauma en psychische klachten. Dat kan zelfs op volwassen leeftijd nog invloed hebben. “Ik heb laatst een mevrouw geïnterviewd die was opgevoed door een moeder met een LVB. Deze mevrouw is nu in de vijftig, maar heeft nog dagelijks last van de schade opgelopen in haar jeugd. Ik was opnieuw geraakt over wat een enorme impact dat kan hebben.”

Tijdige inzet van passende hulp voorkomt veel leed en is goedkoper

Goede hulpverlening is dus ontzettend belangrijk, zowel voor ouders als voor kinderen. Wat kunnen gemeenten doen om dit te verbeteren? “Het belangrijkste is dat gemeenten ouders met een LVB eerder opmerken en dat ze een passend hulpaanbod hebben voor hen. Gemeenten zijn verplicht om hun beleid in lijn te laten zijn met het VN Verdrag. Helaas is dat vaak niet het geval. Pas als er grote zorgen zijn over de kinderen en de Raad voor de Kinderbescherming wordt betrokken, wordt er gekeken of de ouders en kinderen een LVB hebben. Dat is vreemd, want we weten dat ouders met een LVB een grotere kans hebben op problemen bij het opvoeden van hun kinderen. Maar in de praktijk worden ze pas opgemerkt en effectief geholpen als het echt misgaat. Ouders met een LVB en hun kinderen worden daarmee tekort gedaan.”

HouVast is een mooi voorbeeld van theoretisch goed onderbouwde en veelbelovende methodiek voor deze doelgroep. Hierbij hebben ouders één vaste hulpverlener. De hulp kan intensief worden ingezet of als een soort waakvlam. “Interventies als HouVast bieden goede kansen om het gedwongen kader te voorkomen. Ze zijn ook minder kostbaar dan hulp in het gedwongen kader, dat laatste moet gemeenten ook aanspreken”, vertelt Tanja. Niet voor niets gaat HouVast uit van de kracht van de ouders. Zoek daarom de samenwerking met gezinnen. “Beslis niet over hen, maar met hen. Bekijk hoe we met elkaar kunnen zorgen dat het goed gaat met de kinderen.”

Voor gemeenten ligt er een mooie kans. Door hun verplichting uit het VN Verdrag uit te voeren, kunnen ze ook het aantal kinderbeschermingsmaatregelen en daarmee uithuisplaatsingen verminderen. Voor ouders met een LVB en hun kinderen is dat geen gunst, maar een must.